Archief


Bouwen aan de Hudson

18-04-2007
Arnoud van Aalst heeft als bestuurskundige en architectuur-historicus in New York onderzoek gedaan naar de organisatorische kant van het Nederlandse erfgoed. Hoe wordt er al dan niet samengewerkt? Welke rol spelen de fondsen? Wie zijn de spelers? Waarom is het fenomeen 'Dutch Heritage along the Hudson River’ (nog) geen werelderfgoed? Kortom, waar een wil is, is een weg: of niet soms?!

Marieke Leeverink is in 2002 voor het eerst in aanraking gekomen met het Nederlands-Amerikaanse erfgoed in het voormalige Nieuw-Nederland.  In 2006 is zij voor langere tijd naar New York vertrokken om het Dutch Farmstead Survey Project op te starten. Nieuw Nederland kent een rijke historie waar nog veel van terug te vinden is. Niet alleen in de namen van steden en dorpen maar ook in de architectuur. Naar schatting bestaan er nog meer dan duizend Dutch barns en Dutch houses in de ruime streek rond New York.

Beide sprekers werken samen met de locale partners, zoals de Dutch Barn Preservation Society en de Society for the Preservation of Hudson Valley Vernacular Architecture. Daarnaast bestaat zowel interesse vanuit Europa (Nederland, België) als behoefte vanuit de VS aan inhoudelijke kennis en expertise (SHBO, Zaanse Schans, etc). Het behoud speelt zich af tegen de achtergerond van economische belangen (oude bouwmaterialen zijn goed verkoopbaar zijn in de VS) en toenemende toeristische interesse.

Een mooi werkdoel is een presentatie tijdens de grootscheepse viering in 2009 van de 400-jarige ontdekking van Nieuw Nederland door Henry Hudson in opdracht van de VOC.

Werelderfgoed: Curaçao en Nederland

06-12-2006
Erik Luijendijk is twee maanden op Curaçao geweest om een SWOT-analyse te maken van de resterende plantagestructuren en -bebouwing op de westpunt van het eiland. Hij schetste de stand van zaken.
Karel Loeff is als medewerker van het Bureau Monumenten en Archeologie (BMA) van de gemeente Amsterdam actief betrokken bij het nominatiedossier van de Amsterdamse binnenstad voor UNESCOs Werelderfgoedlijst. Hij vertelde wat de gevolgen zijn voor Amsterdam, welke risico’s en kansen de mogelijke aanwijzing biedt voor de grootste monumentenstad van ons land.
Rob de Jong is de man die in Nederland sinds jaren de grootste betrokkenheid heeft bij het Werelderfgoed. Hij heeft niet alleen bijna alle Nederlandse voordrachten namens de Staat voorbereid, maar is ook goed ingevoerd in het Werelderfgoed Comité, het besluitvormend comité waarin Nederland tussen 2003-2007 zitting heeft. Hij lichtte het begrip outstanding universal value toe, welke criteria gelden er voor het Werelderfgoed, wat de (nieuwste) richtlijnen van het comité zijn en maar welk beleid voert Nederland bij het selecteren en voordragen van nieuwe sites. De verdeling van verantwoordelijkheden tussen lokale site-managers en de rijksoverheid is voor alle Nederlandse werelderfgoed locaties een ingewikkelde discussie en opgave, die Rob heeft toegelicht.

Swedish town planning based on Dutch theory

11-11-2006
De secretaris-generaal van ICOMOS-Zweden, Nils Alhberg was voor zijn studie naar de stedenbouwkundige ontwikkeling van de landen rond de Baltische Zee een maand in Nederland. Eerder dit jaar promoveerde Nils aan de universiteit van Uppsala op et onderzoek getiteld New Foundations and Changes of Plan. Swedish Town Planning 1521–1721. Het resultaat is een kloek boek in twee delen - waarvan één deel 340 stadsplattegronden bevat - waarin alle steden onder Zweeds gezag uit de periode tussen 1521 en 1721 worden beschreven.
'Foreign experts, especially from the Netherlands, played a significant role in the town-planning projects and many of the leading Swedes were trained in the Netherlands'. Het was dat gemeenschappelijk erfgoed dat Nils tijdens zijn lezing belichtte.

Managing the fjord city of Oslo

21-09-2006
Het bureau Monumentenzorg van de stad Oslo bracht van 20 tot 24 september een studieboek aan Amsterdam. Het doel was om problemen en oplossingen van monumentenbeleid in Amsterdam te bekijken en te vergelijken met de situatie in Oslo. Beide havensteden hebben een lange geschiedenis die een historisch stedelijk weefsel hebben opgeleverd, dat steeds onder druk staat van economische ontwikkelingen. Een informele en informatieve avond van uitwisseling.

Egypte, de opkomst van erfgoedmanagement

17-05-2006
Egypte heeft een rijke en langdurige cultuur met vele hoogtepunten. Van al deze hoogtepunten zijn overblijfselen door het hele land zichtbaar en geroemd, maar deze resten zijn ook bedreigd. Zo heeft het toerisme veel nadelige invloed op de fragiele archeologische resten. Daarnaast is het stedelijk erfgoed nog in gebruik. In Egypte ontwikkelt zich momenteel echter het besef van de waarde van al dit erfgoed en de Supreme Council of Antiquities (SCA) streeft naar een juist management, ddarbij geholpen door buitenlandse experts. Jolanda Bos is archeologe en erfgoed-adviseur. Haar specialisatie behelst visualisatie en educatie over erfgoed, maar met name erfgoedmanagement en beheer. Sigrid van Roode is Egyptoloog en erfgoed-adviseur. Haar specialisatie is het ontwikkelen van integraal archeologiebeleid. Naast haar werk in Nederland richt zij zich op de problematiek rond stedelijk erfgoed in Cairo uit de periode 1860-1950. Deze architectuur valt ten prooi aan verwaarlozing, luchtvervuiling en overbevolking. Om een functionele rol voor dit nog in gebruik zijnde erfgoed te creëren is een integrale aanpak vereist.

De vele gezichten van China

01-01-2006
Koen Ottenheym gaf een algemene inleiding over de cultuur in China, met nadruk op de traditionele bouwkunst van paleizen en tempels.
Benedict Goes toonde dat de westerse invloed in China op sommige plaatsen opvallend dominant kan zijn. De kustplaats Qingdao is in 1897 van een klein visserplaatsje door een Duitse expeditie omgevormd tot een complete stad in volkomen Duitse vormgeving.
Jan Willem van Beusekom sprak over Shanghai, de grootste stad in China waar de Europese concessies ooit het belangrijkste deel en nu het centrum van de stad vormden, nu in de schaduw van indrukwekkende hoogbouw. Tevens verslag van de bustocht vanuit Xi’an naar Beijing; o.a. langs de best bewaarde historische stad van China is Pingyao, een geheel ommuurde stad met louter traditionele bouw, grijs beroet door de kolenstook.
Rob Apell bezocht zuid-China, met de steden Kunming, Dali en Lijiang (werelderfgoed-stad), en tussendoor enkele interessante natuurlijke en culturele erfgoedsites in het grensgebied tussen China, Vietnam en Myanmar (Birma). Tijdens deze reis werd veel aandacht besteed aan de culturele minderheden die in dit gebied leven en hun bouwwijzen.
Wijnand Freling had het meest exotische reisdoel: de Zijderoute richting Mongolië. Vanuit Xi’an, voor de Chinezen het beginpunt van de zijderoute, liep de noordelijke karavaanroute via Lanzhou door de Mongoolse woestijn naar Urümqi, een stad met al duidelijk Turkse invloeden. De oase Turfan (-154m) is het laagste punt van deze droge streek, met ongekende leembouw-werken.

Architectural heritage conservation in Tanzania en Kongo

14-12-2005
Antoni Folkers en Berend van der Lans van de stichting ArchiAfrika hebben zich als doel gesteld een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van Afrikaanse architectuur. In samenwerking met een TU Eindhoven, University of Dar es Salaam, TU Delft en KU Leuven is in de afgelopen zomer een workshop / conferentie gehouden met als doel het in kaart brengen van de hoogtepunten en thematiek van de moderne architectuur in Tanzania tussen 1950en 1975. Het werk van architect Almeida (1921) vormde de spil  van het onderzoek.
Johan Lagae ging in op het omvangrijk bouwpatrimonium in de Democratische Republiek Kongo, tussen 1885 en 1960, gerealiseerd door de drie actoren in het Belgische koloniale verhaal: overheid, missiecongregaties en ondernemingen. Tal van opmerkelijke realisaties zijn aan te wijzen, die een belangrijke aanvulling vormen op de kennis van de 20ste eeuwse Belgische architectuur. Tegelijk vormen gebouwen en stadsgehelen uit de koloniale periode een belangrijke bron voor een andere geschiedschrijving over de Belgische kolonisatie. Stilaan groeit er belangstelling voor dit bouwkundige patrimonium en komt er, zowel in België als in Kongo, een reflectie op gang over een zinvolle omgang met dit 'gedeeld erfgoed'.